Delen

- Advertentie (?) -

Verordening toeristenbelasting 2018

29-12-2017

Verordening toeristenbelasting 2018

De raad van de gemeente Barendrecht;   overwegende dat de gemeenteraad de Begroting 2018 vaststelt;   dat de verordening voor 2018 dient te worden vastgesteld door de gemeenteraad;   dat de vaststelling geschiedt in overeenstemming met de Begroting 2018;   gelet op de artikelen 224 van de Gemeentewet;   gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 24 oktober 2017;   gelet op het advies van de commissie Planning en Control van 27 november 2017;


BESLUIT:
  Vast te stellen de volgende:  

VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN TOERISTENBELASTING 2018



Artikel 1 Belastbaar feit Onder de naam 'toeristenbelasting' wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.

Artikel 2 Belastingplicht 1. Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 1.2. De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.3. Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.



Artikel 3 Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:

1. van degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet Toelating Zorginstellingen;
2. van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.


Artikel 4 Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen.

Artikel 5 Begripsomschrijving 1. Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:
a. vakantieonderkomens: woningen en andere verblijven, niet zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden;
b. mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens, kampeerauto's, toercaravans, en soortgelijke onderkomens dan wel soortgelijke voertuigen welke bestemd zijn en gebezigd worden als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden;
c. niet beroepsmatig verhuurde ruimten: woningen en andere verblijven, of gedeelten daarvan, niet zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, welke niet in hoofdzaak bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden, doch wel in bepaalde perioden van het jaar voor die doeleinden worden verhuurd, dan wel te huur aangeboden;
d. vaste jaarplaats: een gehuurd terrein of terreingedeelte, gelegen op een kampeerterrein, dat bestemd is voor het gedurende een jaar hebben van een zelfde mobiel kampeeronderkomen, stacaravan of vakantieonderkomen, dat doorgaans na afloop van het jaar niet wordt verwijderd;
e. vaste seizoenplaats: een gehuurd terrein of terreingedeelte, gelegen op een kampeerterrein, dat bestemd is voor het gedurende een seizoen hebben van een zelfde mobiel kampeeronderkomen, stacaravan of vakantieonderkomen, dat doorgaans na afloop van het seizoen niet wordt verwijderd en waarin het gedurende de winterperiode niet toegestaan is om te overnachten;
f. seizoenplaats: een gehuurd terrein of terreingedeelte, gelegen op een kampeerterrein, waar gedurende het seizoen een zelfde mobiel kampeeronderkomen is geplaatst en dat na afloop van het seizoen van de plaats wordt verwijderd;
g. toeristische plaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een jaar of seizoen plaatsen van steeds wisselende mobiele kam-peeronderkomens;
h. kampeerterrein: een terrein dat bestemd is voor verblijfsrecreatie en dat als zodanig wordt gebruikt.


Artikel 6 Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing 1. Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot:
a. mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en stacaravans op vaste plaatsen of op seizoenplaatsen met een contractduur van 9 maanden, bepaald op 2;
b. mobiele kampeeronderkomens, vakantieonderkomens en stacaravans op vaste plaatsen of op seizoenplaatsen met een contractduur van meer dan 9 maanden en maximaal 11 maanden, bepaald op 2.
2. Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht, wordt:
a. in het geval van het eerste lid, sub a, bepaald op: 40;
b. in het geval van het eerste lid, sub b, bepaald op: 70.



Artikel 7 Belastingtarief Per overnachting bedraagt het tarief € 0,75.

Artikel 8 Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 9 Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.

Artikel 10 Aanslaggrens Een belastingaanslag wordt niet opgelegd als het aantal overnachtingen, waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, tijdens het belastingjaar minder dan tien [10] zal of heeft belopen.

Artikel 11 Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet de aanslag worden betaald uiterlijk drie maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2. In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.


Artikel 12 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven voor de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.

Artikel 13 Inwerkingtreding en citeertitel 1. De ‘Verordening toeristenbelasting 2015’ wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2018.4. Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening toeristenbelasting 2018”.


 



Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad, gehouden op 19 december 2017.

De griffier,
mw. mr. G.E.
Figge
De voorzitter,
drs. J. van
Belzen

Terug naar het vergunningen overzicht

Details van vergunning

  • BeschrijvingVerordening toeristenbelasting 2018
  • Soortverordeningen en reglementen (bekendmaking)
  • Gepubliceerd op29-12-2017
  • Start29-12-2017
  • Eindn.v.t
  • Gewijzigd op29-12-2017
  • Straatnaam
  • Postcode

- Advertentie (?) -